Krimp private huursector in 2024 door verkoop particuliere huurwoningen

De Nederlandse private huursector is in 2024 voor het eerst in jaren gekrompen. Op 1 januari 2025 stonden er 3.000 minder particuliere huurwoningen geregistreerd dan een jaar eerder. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), op verzoek van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO).

De krimp komt vooral doordat particulieren 22.000 huurwoningen minder in bezit hadden. Veel van deze woningen zijn verkocht en overgegaan naar de koopsector. Tegelijkertijd nam het aantal huurwoningen van bedrijven (+12.000) en overige organisaties zoals stichtingen (+7.000) juist toe, vooral dankzij nieuwbouw, transformaties en splitsingen.

Naast de verschuiving binnen de huursector kwamen er in 2024 ook 66.000 koopwoningen bij. Het aantal corporatiewoningen groeide met 10.000. Daarmee zet de trend van een groeiende koopmarkt verder door

De daling bij particuliere verhuurders komt vooral door eigendomswisselingen naar de koopsector (–23.000 woningen). Daarnaast gingen er per saldo 5.000 particuliere huurwoningen over naar organisaties zoals bedrijven en corporaties. Nieuwe toevoegingen (o.a. nieuwbouw) konden dit verlies niet volledig compenseren.

De meeste particuliere huurwoningen die werden verkocht, bevinden zich in de Randstad. Vooral Utrecht (5,5%) en Noord-Holland (5,1%) kenden relatief veel overgangen van huur naar koop. In Zuid-Holland lag dat aandeel op 4,5%, met Rotterdam onderaan de G4 met 3,9%. In Zeeland en Limburg was het aandeel met 2,3% het kleinst.

Voor gemeenten in de Randstad, waaronder Albrandswaard, Barendrecht en de omliggende regio Rotterdam–Rijnmond, betekent deze trend dat het aantal particuliere huurwoningen afneemt. Dit kan gevolgen hebben voor de beschikbaarheid van huurwoningen in het middensegment, waar starters en doorstromers vaak op aangewezen zijn.

Bron: CBS / Kadaster – Onderzoek differentiatie eigendom van woningen 2021–2025
📎 Meer informatie bij het CBS